Ons MBO Onderwijs
Ons Mbo onderwijs
Als ouder/verzorger wilt u natuurlijk graag weten hoe het
onderwijs op het mbo gegeven wordt. Daarom hebben we aan de hand van veel
gestelde vragen antwoorden gegeven op deze vragen. Hieronder kunt u de vragen
en de antwoorden lezen.
- Wat is het verschil tussen het
onderwijs op het Voortgezet Onderwijs en het mbo?
In het
Voortgezet Onderwijs werd vooral les gegeven in afzonderlijke vakken. In het mbo staan
opdrachten, die direct te maken hebben met het beroep waarvoor uw zoon/dochter wordt opgeleid, centraal. Daarnaast zijn er ook lessen in
vakken die met het
beroep te maken hebben
- Hoe ziet het onderwijs er op het Da
Vinci College uit?
Het
onderwijs in het mbo gaat uit van de beroepspraktijk. Er wordt vaak in groepen gewerkt aan
projecten. Veel van de studieactiviteiten vinden plaats tijdens de stages.Ook zijn er
praktijklessen, werkgroepbijeenkomsten, theorielessen etc. Nederlands, rekenen en een
moderne vreemde taal zijn vakken die in bijna iedere opleiding voorkomen.
- Waar vinden de lessen plaats?
De lessen vinden plaats op
school, in de praktijk in een bedrijf of instelling of op een andere plek waar
gewerkt kan worden aan de uitvoering van de opdrachten.
- Wordt er nog "gewoon" les gegeven door
een docent?
Er worden lessen gegeven door
vakdocenten, die ervaring hebben opgedaan in de beroepspraktijk. Aandacht voor
het verwerven van kennis blijft naast het aanleren van vaardigheden en de
juiste beroepshouding natuurlijk erg belangrijk.
- Moet mijn zoon/dochter alles zelf
regelen?
In het mbo
wordt een beroep gedaan op de zelfstandigheid en de verantwoordelijkheid van uw
zoon/dochter. Wel krijgt elke deelnemer direct vanaf de start van de opleiding een
trajectbegeleider, die regelmatig de voortgang van het leren met de leerling bespreekt.
Uiteraard krijgt uw zoon/dochter vanaf het begin deskundige begeleiding die uw
zoon/dochter helpt in de loop van de opleiding steeds meer verantwoordelijkheid te nemen.
- Krijgt mijn zoon/dochter huiswerk?
Uw zoon/dochter werkt alleen of
in groepen aan opdrachten op school of in een bedrijf. Waar en wanneer aan de
opdrachten wordt gewerkt, bepaalt de deelnemer voor een groot gedeelte zelf.
Regelmatig zal uw zoon/dochter, bijvoorbeeld ter voorbereiding van het afleggen
van kennistoetsen, ook huiswerk krijgen.
- Wat is een competentie?
In het mbo wordt gesproken over
het verwerven van competenties. Hierbij gaat het om het leren toepassen van
kennis en vaardigheden in de praktijk, waarbij tegelijkertijd goed wordt
samengewerkt en gecommuniceerd met collega's.
- Wat zijn voorbeelden van competenties?
Elk beroep kent zijn eigen
competenties. Een aantal competenties is in elk beroep van belang. Voorbeelden
hiervan zijn ‘samenwerken' en ‘communiceren'. Het leveren van kwaliteit is ook
een voorbeeld van een belangrijke beroepscompetentie.
- Waarom krijgt mijn zoon/dochter zoveel
praktijk?
Om in het latere beroep goed te
kunnen functioneren, moet uw zoon/dochter de gelegenheid krijgen belangrijke
beroepsvaardigheden aan te leren. Deze vaardigheden kunnen het beste in de
praktijk worden verworven.
- Hoe vaak en hoe lang loopt mijn
zoon/dochter stage?
Het aantal stages verschilt per
opleiding. De duur en vorm van de stages varieert. De meeste stages hebben een
omvang van meer dan 4 weken. In sommige gevallen kan de stage ook in het
buitenland worden afgelegd.
- Wordt mijn zoon/dochter tijdens de
stage begeleid?
Elke deelnemer wordt tijdens de
stage begeleid door de begeleider van school en door de begeleider in het
bedrijf of de instelling. In de stage wordt gewerkt aan opdrachten. De
vorderingen in de stage worden bijgehouden in een stageboek.
- Zijn er tentamens en examens?
De deelnemers in het mbo moeten vooral in
de praktijk kunnen laten zien, dat ze beschikken over de vereiste
beroepscompetenties. Daarom vindt de examinering voor een groot deel plaats in de praktijk.
Daarnaast wordt er ook op andere manieren getoetst. Tijdens de opleiding zijn er één
of meerdere grote praktijkopdrachten (proeve van bekwaamheid). De deelnemer moet zelf
informatie verzamelen en bewijzen dat hij/zij
over de competenties beschikt die bij de opleiding horen.
- Hoe vindt de beoordeling plaats?
De beoordeling vindt zoveel
mogelijk plaats in de praktijk. De beoordeling wordt gedaan door een deskundige
vanuit de school en als het mogelijk is ook door de begeleider uit een bedrijf
of instelling.
- Heeft de opleiding wel het vereiste
niveau?
Elke mbo-opleiding moet voldoen aan de eisen, die door het
ministerie van OC&W in kwalificatiedossiers zijn vastgelegd. De kwaliteit
van het onderwijs en de examinering wordt beoordeeld door de onderwijsinspectie.
- Sluit het mbo aan op het Voortgezet
Onderwijs en het hbo?
Het mbo sluit zo goed mogelijk
aan bij het onderwijs in het Voortgezet Onderwijs en het hbo. Door de
verschillende scholen in de regio wordt samengewerkt om de overgang van de ene
naar de andere onderwijssoort voor de leerlingen zo soepel mogelijk te laten
verlopen.
meer
minder