BBL-Maatwerk/Bedrijfsgroepen

Het Da Vinci College biedt gerichte opleidingsprogramma's gebaseerd op de behoeften van bedrijven en instellingen. In een Bbl-maatwerktraject combineren we de voordelen van een kwalificerende, door overheid bekostigde, mbo-opleiding met de behoeften aan een vraaggericht opleidingsarrangement.

De beroepsbegeleidende leerweg (bbl)
In een Bbl-traject wordt tijdens een beperkt aantal cursusdagen gewerkt aan de benodigde kennis en vaardigheden voor de uitoefening van het beroep. Tegelijkertijd verankert de deelnemer het geleerde in de dagelijkse beroepspraktijk door middel van werkplekopdrachten en begeleide competentieontwikkeling. De direct leidinggevende van de deelnemer speelt hierbij een belangrijke rol. Deze leidinggevende wordt op zijn beurt weer ondersteund door het Da Vinci College. Deze 'training on the job' heeft als bijkomend voordeel dat de direct leidinggevende een instrument in handen heeft om de bedrijfsfilosofie binnen de diverse onderdelen van de opleiding uit te dragen.

Eerder verworven competenties (EVC)
Voor aanvang doen we veelal onderzoek naar individueel eerder verworven competenties (EVC). Simpel gezegd wat mensen al kennen en kunnen gaan we ze niet meer leren. Het resultaat is een efficiënt doelgericht opleidingsprogramma dat tevens leidt tot officiële MBO-diplomering.

Maatwerk
Samen met onze opdrachtgevers onderzoeken we waar, wanneer en hoe de opleiding het best kan worden vormgegeven. Uitbreidingen met extra modules? Inzet van bedrijfseigen trainers of gastsprekers?  Accenten in de uitvoering en opzet van het programma?  Bedrijfsgerichte cursusmaterialen?  Inzet van virtuele klas?

Met Bbl-maatwerk van Da Vinci is het allemaal mogelijk. Wij bieden u uw eigen bedrijfsgericht opleidingsarrangement op mbo-niveau waarbij de overheid een belangrijk deel van de kosten voor zijn rekening neemt.

Met diverse brancheorganisaties en vakopleidingen hebben we op convenantbasis afspraken gemaakt over de branchespecifieke invulling van de opleidingsprogramma's. Bijkomend voordeel is dat de deelnemer in veel gevallen een extra diploma of certificaat kan behalen.

Ons aanbod:

  • Projectontwikkeling op basis van het bbl-maatwerkconcept.
  • Organisatie en uitvoering van evc-procedures.
  • Moderne leermethodieken (competentiegericht leren, training on the job, afstandleren, interactieve werkvormen, gastcolleges etc.).
  • Aanvullende modules naar keuze.
  • Professioneel vormgegeven projectmanagement en -rapportages (zie ook http://www.bedrijfsgroepen.nl).
  • Maatwerk cursusmateriaal afgestemd op de behoefte van het bedrijf. 
  • Integratie met eigen interne bedrijfstrainingen.
  • Afsluiting van de opleiding met landelijk erkende diploma's.
  • Advisering op het vlak van afdrachtvermindering en subsidieaanvragen.

Kosten en fiscale baten
Het wettelijke cursusgeld bedraagt 210 euro voor niveau 2-opleidingen en 511 euro (2009-2010) voor niveau 3- of 4-opleidingen. Daarnaast worden er aanvullende kosten in rekening gebracht voor leermaterialen en maatwerk. Deze kosten zijn projectafhankelijk.

De overheid heeft een aantal fiscale maatregelen getroffen met het doel bedrijven te stimuleren om een actief opleidingsbeleid voor hun medewerkers te voeren. Hieronder valt de Wet Vermindering Afdracht (WVA). Per deelnemer kan de werkgever een bedrag van maximaal 2655 euro per jaar in mindering brengen op de afdracht sociale lasten en loonbelasting. Deze regeling is van toepassing op alle medewerkers die opgeleid worden via de beroepsbegeleidende leerweg. Indien de deelnemer jonger is dan 25 jaar geldt de aanvullende voorwaarde dat het basisloon niet hoger mag zijn dan 130% van het minimumloon.

De extra WVA bij toepassing van EVC-procedures bedraagt op dit moment 319 euro per deelnemer.


Media Player

BBL-Maatwerkopleidingen voor bedrijfsgroepen

BBL-Maatwerkopleidingen voor bedrijfsgroepen
Bbl-opleidingen zijn door de overheid bekostigde opleidingen welke leiden tot officiële mbo-diploma's. Bij uitvoering via Bbl-maatwerk zijn de opzet en uitvoering van het opleidingsprogramma bedrijfs- en\of branchespecifiek ingevuld.

De vier niveaus binnen het mbo:

  • Niveau 1: assistent
  • Niveau 2: zelfstandig beroepsbeoefenaar 
  • Niveau 3: vakfunctionaris
  • Niveau 4: middenkaderfunctionaris

Bbl-maatwerktrajecten zijn mogelijk in de volgende sectoren:

1. Detailhandel
Het Da Vinci College verzorgt Bbl-maatwerkopleidingen gebaseerd op de volgende mbo-programma's:

Verkoper
Eerste Verkoper/Verkoopspecialist
Afdelingsmanager
Filiaalmanager

Om de branchegerichtheid van de detailhandelsopleidingen te versterken heeft Da Vinci College op convenantbasis met brancheorganisaties en\of vakopleidingsinstituten verregaande afspraken gemaakt over de branchespecifieke inhoud en uitvoering van de opleidingsprogramma's. Op deze wijze wordt de deelnemer nog sterker specialistisch opgeleid en ontvangt hij ook in veel gevallen een extra branchediploma of -certificaat.

Het Da Vinci College verzorgt de volgende branchespecifieke opleidingen in detailhandel:

1.1 Mode:

  • Verkoopmedewerker (MBO-2) \ Detex Verkoopadviseur Mode, Schoenen of sport
  • Eerste Verkoper \ Verkoopspecialist (MBO-3) \ Detex Modespecialist
  • Filiaalmanager \ Afdelingsmanager (MBO-4) \ Detex Mode-manager

1.2 Supermarkt

  • Verkoopmedewerker (MBO-2) \ Verkoopmedewerker (CBL)
  • Eerste Verkoper (MBO-3) \ Afdelingschef (CBL)
  • Manager Handel (MBO-4) \ Assistent Supermarktmanager (CBL)

1.3 Drogisterij

  • Verkoopmedewerker (MBO-2) \ Verkopen in de Drogist (Pharmacon)
  • Eerste Verkoper (MBO-3) Assistent Drogist (Pharmacon)

1.4 Tuincentrumbranche

  • Verkoopmedewerker (MBO-2) \ Verkoopmedewerker Tuincentrum Academie
  • Eerste Verkoper (MBO-3) \ Eerste Verkoper Tuincentrum Academie
  • Afdelingsmanager (MBO-4) \ Afdelingschef Tuincentrum Academie

1.5 Wonen

  • Basis woningstoffeerder (MBO-2)
  • Verkoopadviseur Wonen (MBO-3)
  • Manager Wonen (MBO-4)

1.6 Elektrotechnische detailhandel

  • Verkoopspecialist Elektrotechnische detailhandel (MBO-3)

Etc.


2. Transport en Logistiek / Groothandel:

3. Commercieel / Internationale Handel:




Media Player

Synergon

In onze zoektocht naar de meest optimale invulling van elke opleidingsactiviteit maken wij met enige regelmaat gebruik van aanvullende expertise en\of uitvoeringscapaciteit vanuit ons netwerk Synergon. Synergon behelst een breed scala van geselecteerde collega roc’s, vakopleidingsinstituten, hbo-instellingen en brancheorganisaties die zichzelf bewezen hebben op het vlak van betrouwbaarheid en kwaliteit. Door inzet van het netwerk Synergon zijn wij in staat om aan de meest uiteenlopende vragen van opdrachtgevers te kunnen voldoen, of het nu gaat om de organisatie van grootschalige landelijk gespreide bbl-trajecten of om een zeer specifieke functietraining op hbo-niveau. Da Vinci garandeert de uitvoering van hoogwaardige bedrijfsgerichte opleidingstrajecten ondersteund door professioneel vormgegeven projectmanagement. Kortom, bij Da Vinci College staan uw wensen en behoeften echt centraal en wordt u een vrijwel onbeperkte uitvoeringscapaciteit geboden met behoud van één aanspreekpunt.


Media Player

EVC’s

Waar staat EVC voor?
EVC is de afkorting van Erkennen van Verworven Competenties. EVC beoogt de erkenning, waardering en verdere ontwikkeling van wat een individu heeft geleerd in elke mogelijke leeromgeving. Dus niet alleen in een opleiding maar bijvoorbeeld ook in de dagelijkse uitoefening van het beroep.
De visie EVC stelt dat de eisen van de arbeidsmarkt steeds vaker en sneller veranderen. Als gevolg daarvan is iemand nooit uitgeleerd en moeten mensen zich flexibel aan nieuwe omstandigheden kunnen aanpassen. Het instrument EVC brengt de kennis en kunde in beeld die mensen op een bepaald moment hebben en daarmee ook de individuele ontwikkelpunten.

Da Vinci College, erkend EVC-aanbieder
Da Vinci College staat geregistreerd als erkend EVC-aanbieder? Deze erkenning staat garant voor kwaliteit van EVC-procedures conform de kwaliteitscode van Kenniscentrum EVC (zie: http://www.kenniscentrumevc.nl). Dat betekent zoveel als dat de uitvoering van EVC-procedures bij Da Vinci College in goede handen is en dat u als werkgever, bij toepassing van EVC, gebruik kunt maken van extra fiscale afdrachtvermindering (zie Wet Vermindering Afdracht).

De Da Vinci aanpak
Da Vinci College erkent en waardeert aan de hand van de erkende standaarden van de kwalificatiestructuur in het MBO. Het resultaat is een MBO-certificering op behaalde onderdelen.
Aansluitend op de EVC-procedure bieden wij de mogelijkheid van een verkort opleidingsprogramma waarin de ontbrekende kennis, vaardigheden en competenties bijgespijkerd worden. De deelnemer wordt hierdoor in staat gesteld om een officieel MBO-diploma te behalen. De uitvoering van dit ontwikkelingstraject wordt, indien gewenst, bedrijfsgericht vormgegeven. Zie verder onder bbl-maatwerk?


Media Player

De Virtuele Klas


De virtuele klas
Het belangrijkste kenmerk van de virtuele klas is het interactief leren op afstand. Interactie is de belangrijkste drager van kennis. De ontwikkelaars van de methode iDucation (Greensquare) hebben interactie als uitgangspunt genomen en de voordelen van de traditionele lessituatie en e-learning gecombineerd. Hierdoor wordt een opleiding van hoogwaardig kwaliteit op afstand geboden.

 


[ Klik op bovenstaand plaatje om het PDF te openen ]



Media Player

WetVerminderingAfdracht

De overheid beseft ten volle dat de opleidingsgraad van de beroepsbevolking het belangrijkste kapitaal van ons land is. Daarom kunnen bedrijven die door middel van erkende opleidingen investeren in hun medewerkers ook de komende jaren op forse fiscale voordelen rekenen.

Voor onze bbl-maatwerktrajecten gelden de volgende fiscale maatregelen:

De wet vermindering afdracht voor (beroeps-) onderwijs
Per deelnemer met een praktijkovereenkomst (bbl) kan het bedrijf maximaal een bedrag van €2655.- per jaar in mindering brengen op de afdracht van loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen. Dit bedrag is gebaseerd op een 36-urige werkweek. Indien er sprake is van minder gewerkte uren dan is de afdrachtvermindering naar rato. Voor deelnemers jonger dan 25 jaar geldt de restrictie dat zij niet meer mogen verdienen dan "het toetsloon". Voor het jaar 2009 werd dit toetsloon vastgesteld op €23.034,-.

De wet vermindering afdracht startkwalificatie
Een werkgever die een bij cwi ingeschreven werkloze werkzoekende zonder startkwalificatie (diploma op tenminste mbo-2 niveau, havo of vwo) in dienst neemt en deze een opleiding laat volgen die gericht is op het verwerven van een startkwalificatie, komt in aanmerking voor een aanvullende afdrachtvermindering van €3186.- per kalenderjaar. Voorwaarde is wel dat de werknemer vóór indiensttreding stond ingeschreven bij het cwi. De totale afdrachtvermindering met betrekking tot deze (voormalig) werkloze bedraagt dan €5841.- per kalenderjaar. Ook hier geldt het eerder genoemde toetsloon en de vermindering naar rato indien de werknemers minder dan 36 uur werkt.

Voor de toepassing van de WVA afdracht startkwalificatie dient u te beschikken over een verklaring van cwi: verklaring werkloze. Deze verklaring wordt afgegeven als de werknemer vóór indiensttreding stond ingeschreven bij CWI als werkloos werkzoekend en geen startkwalificatie heeft. De verklaring kunt u met een formulier dat bij CWI beschikbaar is, binnen vier maanden na indiensttreding aanvragen bij: CWI Bureau Juridische Zaken, Postbus 883, 2700 AW, Zoetermeer.

Afdrachtvermindering bij EVC (erkennen van competenties)
Een werkgever die zijn medewerker(s) in de gelegenheid stelt om eerder opgedane kennis en vaardigheden te laten meten en waarderen wordt een extra afdrachtvermindering in het vooruitzicht gesteld van €319.- per deelnemer. Eventueel kan hierbij sprake zijn van aanvullende scholing.

Afdrachtvermindering bij stages
Sinds 1 januari 2007 zijn er extra maatregelen van kracht ter bevordering van stages binnen de beroepsopleidende leerweg (bol) op niveau 1 en 2 van het mbo. Werkgevers die stageplaatsen aanbieden hebben recht op een afdrachtvermindering van € 1.275,- per volledig stagejaar. De stage moet hierbij minimaal twee maanden duren.

Voorbeeld
Bij een stage van 24 uur per week voor een periode van 6 maanden bedraagt de afdrachtvermindering voor het kalenderjaar:
24/36 x (6/12 x €1.275) = €425.




Media Player

Bedrijven opleidingen


Da Vinci College erkend opleider voor de sector detailhandel (HBD) 40% ESF-subsidie op opleidingen en trainingen

Alle ondernemers in de detailhandel kunnen vanaf vandaag 40% ESF-subsidie aanvragen voor een groot aantal cursussen. Dit met terugwerkende kracht vanaf 1 februari 2010. Er kan subsidie worden aangevraagd voor zowel algemene opleidingen en BBL-opleidingen als branchespecifieke opleidingen. Voorwaarden om voor de subsidie in aanmerking te komen zijn dat deelnemers in dienst zijn bij een detailhandelsonderneming en maximaal MBO niveau 4 hebben bij de start van de opleiding.

Het specifieke aanbod voor de detailhandel treft u aan op deze pagina.

Voor aanmelding of extra informatie neemt u contact op
met Mw. L. Gaillard van Afdeling Contract Da Vinci College o.v.v. ESF detailhandel.
Telefoonnummer direct: 088-6572760.
Emailadres:

Op de site van het Hoofd Bedrijfschap Detailhandel vindt u nadere informatie over deze subsidieaanvraag (www.hbd.nl/esf). Het ESF project loopt tot 31 juli 2011.

 

 


 



Media Player

Overige Subsidies


Interessante subsidies voor bedrijven

Voor het scholen van medewerker, in dienst hebben of nemen van gedeeltelijk arbeidsgeschikten en werkzoekenden zijn er diverse subsidiemogelijkheden en fiscale aftrekregelingen. Hieronder treft u beknopte informatie aan over diverse regelingen. Voor uitgebreide informatie wordt u doorverwezen naar de site van de subsidieverstrekker zodat u op de meest recente informatie over de subsidieregeling en de aanvraagprocedure krijgt.

Aan de op deze site vermelde informatie kunnen geen rechten worden ontleend. Het Da Vinci College kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden.

Scholing

Tijdelijke subsidieregelingen voor met ontslag bedreigde werknemers en stimuleren arbeidskansen voor oudere werklozen

Tijdelijke subsidieregeling omscholing werknemers bij dreigende werkloosheid.

Omscholing van met ontslag bedreigde werknemers wordt financieel aantrekkelijker gemaakt door een subsidie van 50% van de omscholingskosten tot een maximum van € 2500,--.

De Minister verstrekt, overeenkomstig de regels van deze regeling, op aanvraag aan een werkgever, subsidie voor de omscholing van een werknemer, die onmiddellijk voorafgaande aan zijn huidige dienstbetrekking bij een andere werkgever een dienstbetrekking had en aldaar:

  1. een met ontslag bedreigde werknemer was;
  2. werkzaam was op grond van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, waarvan de overeengekomen duur zou eindigen op het tijdstip waarop zijn huidige dienstbetrekking is ingegaan, dan wel in de periode van vier maanden onmiddellijk na aanvang van zijn huidige dienstbetrekking;
  3. werkzaam was op grond van een uitzendovereenkomst, dan wel,
  4. werkzaam was op grond van een 0-uren-overeenkomst.

De mogelijkheid tot het indienen van subsidieaanvragen bestaat slechts gedurende een door de Minister vastgesteld aanvraagtijdvak. Het aanvraagtijdvak voor het kalenderjaar 2009 loopt vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling tot en met 31 december 2009. De subsidie wordt aangevraagd door de werkgever tot wie de om te scholen werknemer in dienstbetrekking staat. De subsidie wordt verleend aan de subsidieaanvrager. De subsidieaanvraag wordt bij het UWV ingediend met gebruikmaking van een door het UWV beschikbaar gesteld aanvraagformulier, dat door de subsidieaanvrager volledig wordt ingevuld en ondertekend. Het UWV beslist op de subsidieaanvraag binnen acht weken na ontvangst van de volledige aanvraag.

Subsidie wordt slechts verleen, indien:

  • de omscholing wordt gegeven aan een werknemer als de privaatrechtelijke of publiekrechtelijke
  • dienstbetrekking met de te scholen werknemer na 1 januari 2009 is aangegaan;
  • de omscholing opleidt tot een diploma of een certificaat dat in de sector waarin de
  • subsidieaanvrager zijn bedrijf of beroep heeft, algemeen is aanvaard;
  • de omscholing door een externe scholingsaanbieder wordt gegeven.

Omvang subsidie

De subsidie bedraagt ten hoogste 50% van de kosten van de omscholing van de werknemer, tot een maximum van € 2500,-- per werknemer, indien in de sector waarin de subsidieontvanger zijn bedrijf of beroep heeft een Opleidings- en Ontwikkelingsfonds werkzaam is en dat Opleidings- en Ontwikkelingsfonds 50% of meer van de kosten van de omscholing van de werknemer voor zijn rekening neemt. De subsidie bedraagt 35% van de kosten van de omscholing van de werknemer, tot een maximum van € 1750,-- per werknemer, indien in de sector waarin de subsidieontvanger zijn bedrijf of beroep heeft een Opleidings- en Ontwikkelingsfonds werkzaam is en dat Opleidings- en Ontwikkelingsfonds minder dan 50% van de kosten van de omscholing van de werknemer voor zijn rekening neemt. Indien in de sector waarin de subsidieontvanger zijn bedrijf of beroep heeft een Opleidings- en Ontwikkelingsfonds ontbreekt, bedraagt de subsidie 50% van de kosten van de omscholing van de werknemer, tot een maximum van € 2500,-- per werknemer. Geen subsidie wordt verstrekt voor zover de subsidie de werkelijk ten laste van de werkgever gebleven kosten, te boven gaat. Een subsidie wordt verleend voor zover de voor subsidie in aanmerking te brengen kosten van omscholing zijn gemaakt voor de datum van indiening van de subsidieaanvraag bij het UWV.

Stimulering EVC bij dreigend ontslag

Deze regeling is bestemd  voor werknemers die met ontslag worden bedreigd en zij die daarmee kunnen worden gelijkgesteld.

Voor werknemers zonder startkwalificatie kan de inzet van een ervaringsprofiel of ervaringscertificaat de competenties zichtbaar maken. Bovendien kan de inzet van het Ervaringscertificaat (EVC) het scholingstraject aanzienlijk bekorten als de werknemer voor de nieuwe werkplek wordt geschoold. Uitgangspunt is dat werkgever en werknemer gezamenlijk tot het oordeel komen dat voorafgaand aan ontslag een EVC-procedure een essentiële investering is voor het vervolg van de loopbaan.

In een aantal gevallen is inventarisatie en herkenning van competenties al voldoende om een volgende loopbaanstap te kunnen maken

Door EVC op te splitsen in twee stappen kan het meerdere doelen dienen. EVC kan op deze manier worden afgerond met een Ervaringsprofiel als zelfstandig resultaat. Het Ervaringsprofiel kan ook dienen als opstap naar het Ervaringscertificaat.
Een Ervaringsprofiel laat zien over welke kwaliteiten mensen al beschikken. Ze hebben deze informatie zelf in kaart gebracht onder deskundige begeleiding. Het Ervaringsprofiel vergroot het zelfinzicht en de overtuiging en zorgt er zo voor dat men beter in staat is om een nieuwe werkgever van de eigen kwaliteiten te overtuigen.

Uitvoering

  • UWV koopt de trajecten alleen op verzoek van de werkgever of werknemer in;
  • Werkgever neemt 50% van de kosten die gemoeid zijn met het behalen van het ervaringsprofiel of     
  • ervaringscertificaat voor zijn rekening;
  • De werkgever mag zelf bepalen of hij dit declareert bij een O&O-fonds;
  • Voor bedrijven met minder dan 25 werknemers geldt echter altijd dat de kosten voor 100% uit het
  • extra budget van UWV worden betaald.

Het is ook mogelijk - zeker indien sprake is van een meeromvattend samenwerkingsverband tussen het UWV en de individuele werkgever - dat het UWV met de werkgever de afspraak maakt om de 50% eigen bijdrage van de werkgever geheel of gedeeltelijk voor rekening van het UWV te laten komen danwel dat de werkgever bereid is meer dan 50% te bekostigen. Hierin kan het UWV optimaal maatwerk bieden in de dienstverlening aan de werkgever.

De door UWV in te kopen trajecten dienen te worden uitgevoerd door een erkende EVC-aanbieder. Via het Kenniscentrum EVC is het register van erkende EVC-aanbieders te raadplegen


Stimulering arbeidsmarktkansen voor oudere werklozen

Een tijdelijke regeling moet zorgen dat oudere werklozen meer kansen op de arbeidsmarkt krijgen  en werkgevers stimuleren om hen in dienst te nemen. De regeling vergoedt werkgevers de loonkosten als een oudere werkloze die zij in dienst hebben genomen, ziek wordt. Werkgevers krijgen de loonkosten vergoed van oudere en langdurig zieke werknemers die voor ze in dienst kwamen minstens 52 weken werkloos waren. De regeling gaat in op 1 juli 2009 en geldt voor werknemers die op deze datum 55 jaar of ouder zijn. Het UWV gaat de werkgever compenseren voor de doorbetaling van het loon als de oudere werknemer langer dan dertien weken ziek is. De werkgever krijgt de compensatie als de werknemer binnen de eerste vijf jaar na het in dienst treden ziek wordt. De regeling is tijdelijk, gaat in op 1 juli 2009 en loopt tot 1 juli 2019.

In dienst nemen of houden van gedeeltelijk arbeidsgeschikten

Loondispensatie

Voor werknemers met een Wajong-uitkering geldt een speciale regeling: loondispensatie. Presteert een werknemer met een Wajong-uitkering door zijn of haar arbeidshandicap minder dan uw andere werknemers? Dan kunt u bij het UWV toestemming vragen om tijdelijk minder dan het minimumloon te betalen aan deze werknemer. De loondispensatie kan een half jaar tot vijf jaar duren. Verlenging is mogelijk, maar uiteindelijk is het de bedoeling dat de werknemer hetzelfde kan verdienen als andere werknemers. Deze regeling geldt ook voor werknemers met een beperking jonger dan 18 jaar.

Voor meer informatie zie  www.uwv.nl/werkgevers/arbeidsongeschiktheid

No-riskpolis

Normaal gesproken moet de werkgever een zieke werknemer de eerste twee jaar ten minste 70% van het loon doorbetalen. Voor werknemers met een arbeidshandicap betaalt UWV soms een Ziektewet-uitkering. De Ziektewetuitkering dekt een groot deel van de loonkosten van de zieke werknemer. Deze regeling wordt vaak de ‘no-riskpolis' genoemd. De 'no-riskpolis' geldt voor ziekmeldingen in de eerste vijf jaar van de arbeidsovereenkomst. Als de arbeidshandicap ernstig is, kunt u bij UWV een verlenging van deze periode aanvragen.

Voor meer informatie zie www.uwv.nl/werkgevers/arbeidsongeschiktheid

Premiekorting

Als u een 50-plusser of iemand met een arbeidshandicap in dienst neemt of houdt, komt u als werkgever in aanmerking voor een korting op de arbeidsongeschiktheidspremie (WAO/WIA) en de werkloosheidspremie (WW). De hoogte van de premiekorting is afhankelijk van het loon van uw werknemer. U kunt gebruik maken van de premiekorting zolang de werknemer bij u in dienst is, maar maximaal drie jaar. De premievrijstelling voor oudere werknemers en de arbeidsgehandicaptenkorting worden via de loonaangifte verrekend.

Voor meer informatie zie www.belastingdienst.nl

Proefplaatsing arbeidsgehandicapten en langdurig werklozen

Bij het in dienst nemen van een arbeidsgehandicapte of langdurig werkloze kunt u gebruik maken van de regeling Proefplaatsing arbeidsgehandicapten en langdurig werklozen. U hoeft dan drie maanden geen loon te betalen omdat de werknemer gedurende deze tijd recht op zijn uitkering behoud.

Voor meer informatie zie www.uwv.nl/werkgevers/arbeidsongeschiktheid

Aanpassingen en voorzieningen op de werkplek (meerkostensubsidie)

Als u aantoonbaar meerkosten maakt voor het in dienst nemen of houden van een gedeeltelijk arbeidsgeschikte kunt u in aanmerking komen voor een subsidie voor deze meerkosten. De kosten moeten hoger zijn dan een drempelbedrag en de voorzieningen moeten niet-meeneembaar zijn.

Het gaat om kosten van noodzakelijke aanpassing van de arbeid, inrichting van de werkplek en productie- en werkmethoden, hulpmiddelen en aanpassing en inrichting van het bedrijf.

Voor meer informatie zie www.uwv.nl/werkgevers/arbeidsongeschiktheid

Loonkostensubsidie voor brugbanen

Als u voor minimaal 1 jaar een werknemer in dienst neemt die is herbeoordeeld voor WAO, WAZ of Wajong kunt u in aanmerking komen voor een loonkostensubsidie als u de intentie hebt om de werknemer na 1 jaar nog eens 6 maanden in dienst te houden..

Voor meer informatie zie www.uwv.nl/werkgevers/arbeidsongeschiktheid

Premievrijstelling marginale arbeid

Bij deze regeling komen werkgevers in aanmerking voor een vrijstelling van de verplichting tot het betalen van de premie werknemersverzekeringen als zij voor korte duur een uitkeringsgerechtigde aan  trekken voor het verrichten van marginale arbeid.

Onder marginale arbeid wordt verstaan incidentele arbeid die maximaal 6 weken duurt.

Voor meer informatie zie www.belastingdienst.nl

ESF (Europees Sociaal Fonds) 2007 - 2013

Het ESF is één van de vier Structuurfondsen van de Europese Unie. Het is een belangrijk financieringsmiddel voor het scheppen van nieuwe en betere banen, en het ontwikkelen van vaardigheden van de beroepsbevolking. De Subsidieregeling ESF 2007-2013 kent drie inhoudelijke prioriteiten.

We beperken ons hier tot de subsidies die door ondernemers, via het sectorale opleidingsfonds, kunnen worden aangevraagd.

Actie D: Verbetering arbeidsmarktpositie van laaggeschoolde werkenden of werkenden zonder startkwalificatie:

Deze subsidie beoogt de inzetbaarheid van laag gekwalificeerde werkenden op de arbeidsmarkt te vergroten. Hiermee is het mogelijk een potentieel kwetsbare groep van werkenden zonder startkwalificatie ‘op te scholen' tot maximaal MBO-4 niveau. Deze subsidie kan worden aangevraagd via een O&O fonds dat door de minister op grond van de subsidieregeling ESF 2007-2013 als subsidieaanvrager is erkend.

Detailhandel

Voor de sector detailhandel is Stichting Opleidingsfonds HBD het erkende O&O fonds voor het aanvragen van ESF-subsidietrajecten voor detailhandelsondernemingen en brancheorganisaties.

Met name voor het MKB detailhandel zijn de mogelijkheden om gebruik te maken van de ESF regeling aanzienlijk verruimt door het HBD/SOD. 

Ondernemers in de detailhandel kunnen ten minste 32% ESF-subsidie krijgen op een groot aantal cursussen en trainingen. In totaal is er ruimte voor 4000 deelnemers. Voorwaarde om voor deze subsidie in aanmerking te komen is dat deelnemers in dienst zijn bij een detailhandelsonderneming en maximaal MBO niveau 4 hebben bij de start van de opleiding.

Voor alle gesubsidieerde opleidingen, de aanbieders hiervan staan en de wijze van aanvragen kunt u terecht op http://trainingmetkorting.hbd.nl/.

Groothandel

Ook ondernemers in de groothandel kunnen 35% - 40% subsidie krijgen voor het scholen van medewerkers onder Aktie D . Voor de Groothandel-, Horeca-, Isolatie- en Pliuimveesector  is Stichting Opleidingsfonds Groothandel (SOG) het erkende O&O fonds voor het aanvragen van ESF-subsidietrajecten.

Voor meer informatie zie www.sog.nl/esf

Branchespecifieke subsidies

Sociaal Fonds detailhandel in Aardappelen, Groente en Fruit (AGF/CKO)

Diplomabonus

Diplomabonus voor BBL leerlingen die werkzaam zijn in de AGF Detailhandel. Na het succesvol afsluiten van een opleiding bij het ROC zoals: Winkelassistent, Verkoopmedewerker of Leidinggevende-Verkoopchef komt de leerling in aanmerking voor een diplomabonus van € 450,--.

Stagevergoeding MBO

Krijgt u als erkend leerbedrijf een stageleerling toegewezen van een MBO school dan kunt u gebruik maken van de mogelijkheid om deze leerling een stagebeloning aan te bieden van € 34,00 per week tot een maximum van 10 weken (€ 340,--) Dit bedrag is inclusief de ziekenfondsverzekering voor de stageleerling.

Voor meer informatie zie www.agfcko.nl

Opleidings- en Ontwikkelfonds Elektrotechnische Detailhandel (OFE)

Bij OFE Detailhandel bestaat de mogelijkheid om via ons cursusaanbod, een cursus uit te voeren bij uw bedrijf. Wij maken daarbij gebruik van bij ons bekende cursusinstituten. Wij willen u echter de mogelijkheid bieden om de organisatie van cursussen binnen uw bedrijf zelf te organiseren. U kunt dan zelf bepalen welk instituut de cursus gaat uitvoeren. Hiervoor kunt u vooraf een vergoeding aanvragen bij OFE Detailhandel. Alleen cursussen die in de opleidingenbrochure van OFE Detailhandel staan, komen in aanmerking voor deze regeling. Om in aanmerking te komen voor de vergoeding dient Uw bedrijf aangesloten te zijn bij OFE Detailhandel. Het minimum aantal deelnemers per cursus bedraagt 8 personen. Voor iedere cursus dient u vooraf een aanvraag in te dienen voor vergoeding. OFE Detailhandel beoordeelt vervolgens of deze gehonoreerd kan worden.

Voor meer informatie zie  www.ofed.nl

WoonWerk Professionalisering en arbeidsmarkt Woonbranche

WoonWerk heeft een toewijzing gekregen voor haar ESF subsidieaanvraag 2009. Dit betekent dat ondernemers in de wonenbranche voor scholingsactiviteiten van medewerkers dit jaar weer kunnen rekenen op een subsidiebijdrage.. 

 De subsidie bedraagt dit jaar 33 procent op de cursuskosten die gefactureerd zijn. De regeling voorziet niet in een subsidie op verletkosten. In totaal kunnen er binnen het beschikbare budget ongeveer 10.000 personen opgeleid worden. De subsidie geldt voor alle medewerkers in de wonenbranche, die een opleiding, cursus of training op maximaal MBO-niveau 4 volgen die met het vak en beroep te maken hebben.

Ondernemers kunnen subsidie aanvragen zodra men een opleiding, cursus of training gaat starten. De subsidie kan ook worden aangevraagd als de scholingsactiviteiten al zijn uitgevoerd. Er is dan vooroverleg noodzakelijk met een medewerker van WoonWerk om te kunnen beoordelen of men aan de administratieve eisen kan voldoen.

Met deze subsidieregeling wordt het extra interessant om medewerkers op te leiden of bij te scholen via www.lereninwonen.nl. Bedrijven die afdragen aan het Sociaal Fonds Wonen krijgen hierop al een korting van 30%. Met de subsidie die nu beschikbaar komt, komt de totale korting voor een abonnement op lereninwonen.nl voor ondernemers die afdragen aan het Sociaal Fonds Wonen op maar liefst 53%.

Voor meer informatie zie www.woonwerk.org

Branchebureau Mode

Iedereen die in de Mode- en Sportdetailhandel werkt kan de opleidingssubsidie krijgen. Maar dan moet de werkgever wél onder de CAO vallen. De subsidie wordt dan verstrekt aan degene die de opleiding betaalt. Meestal zal dat dus de werkgever zijn, maar ook werknemers zélf kunnen de subsidie aanvragen.
Om voor de subsidie in aanmerking te komen, moet de betreffende cursus of opleiding gericht zijn op de functie, de werkomgeving en de Mode- en Sportdetailhandel. Maar ook cursussen die ontworpen zijn door of in opdracht van een onderneming in de Mode- en Sport-detailhandel en die bestemd zijn voor de medewerkers van de onderneming (zogenoemde in-companyopleidingen), kunnen onder bepaalde voorwaarden voor subsidie in aanmerking komen. De BBL en BOL opleidingen komen niet in aanmerking voor deze subidieregeling. 
De hoogte van de subsidie is afhankelijk van de groep waarin de opleiding valt. Er zijn drie groepen: A, B en C. Elke groep heeft zijn eigen subsidiebepalingen.

Voor meer informatie zie www.bbmode.nl

meer meer
minder minder

Media Player

Accountmanagers Da Vinci College

Voor bedrijven en instellingen heeft het Da Vinci College een ruim aanbod van cursussen, opleidingen en trainingen. Uw wensen zijn voor het Da Vinci College uitgangspunt voor het samenstellen van een opleidingsprogramma dat naadloos aansluit bij uw scholingsbehoefte. Voor een afspraak kunt u contact opnemen met een van onze accountmanagers.

Contractbureau Da Vinci College
Regio Dordrecht: 088 657 27 60
Regio Gorinchem: 0183 64 68 00

Accountmanagers:

Administratie, Beveiliging dhr. C.H. Bliekendaal
088 657 2760, 06 53 70 18 09
E-mail:

Educatie dhr. M. van Tussenbroek
088 657 2936, 06 51 03 16 12
E-mail:

Gezondheidszorg en Welzijn, contactpersoon: mevrouw L. Bekkers
088 657 2936
E-mail:  

Handel & Logistiek, Transport & Leisure dhr. R. van der Doorn
088 657 2729, 06 51 23 73 12
E-mail:

Techniek dhr. G. Hoogers
088 657 2164, 06 54 72 44 40
E-mail:

Commercieel directeur: dhr. H.J. van Noordenne




Media Player